Stichting Achter de Regenboog - Verliesverwerking voor kinderen en jongeren  
Over Ons Onze Activiteiten Steun Ons Informatie Actueel Kids Contact Forum Home
Gras
       Veelgestelde Vragen

ANBI    CBF


    


“Je kunt niet tegengaan dat vogels
van verdriet komen overvliegen,

maar je kunt wel voorkomen dat
ze nesten maken in je haar.”


(chinees gezegde)

 

1. Rouwen kinderen anders dan volwassenen?
2. Vanaf welke leeftijd kunnen kinderen rouwen?
3. Begrijpen kinderen en jongeren de dood?
4. Wat begrijpen kinderen en jongeren van de dood?
5. Waar bij pubers en rouw op te letten?
6. Wat te doen als een puber er niet over wil praten?
7. Hoe herken ik bij kinderen hun rouwgevoelens?
8. Wanneer zijn bij kinderen hun eerste rouwreacties te verwachten/hoe zijn ze te herkennen?
9. Kunnen kinderen lang rouwen?
10. Vertel ik mijn kind dat er sprake was van zelfdoding?
11. Neem je je kind mee naar de opbaring?
12. Betrek ik mijn kind bij de begrafenis/crematie?
13. Wat zijn algemene tips om kinderen te kunnen ondersteunen bij hun rouw?
14. Wat kunt u in het algemeen beter niet doen bij het ondersteunen van kinderen bij hun rouw?
15. Wat is rouwen? / Rouwt iedereen op dezelfde manier?
16. Wat is rouwtaak 0?
17. Wat is rouwtaak 1?
18. Wat is rouwtaak 2?
19. Wat is rouwtaak 3?
20. Wat is rouwtaak 4?
21. Kan ik iemand bellen voor inhoudelijk advies?
22. Kunt u doorverwijzen naar een rouwprofessional?
23. Wat is goede literatuur over kinderen en verliesverwerking?
24. Heeft de stichting Achter de Regenboog informatie over de beleving van de dood en rouwverwerking door mensen met een verstandelijke handicap?
25. Wordt er wetenschappelijk onderzoek gedaan naar kinderen en rouw?
26. Is school van belang bij het ondersteunen van kinderen en rouw?
27. Waar kan ik als leerkracht nuttige informatie  vinden over kinderen en rouw?
28. Wat kunt u als leerkracht doen?
29. Bestaan er protocollen / draaiboeken voor scholen in het geval van overlijden van een leerling/leerkracht etc ?
30. Ik wil vrijwilliger worden: hoe doe ik dat?
31. Waar moet je als vrijwilliger aan voldoen?
32. Welke soorten van lotgenotencontact organiseert de stichting Achter de Regenboog?
33. Wat is een kinderweekend en voor wie is het geschikt?
34. Wat is een gezinsweekend en voor wie is het geschikt?
35. Geeft de stichting voorlichting middels lezingen en presentaties?
36. Kan ik een training / opleiding volgen bij de stichting Achter de Regenboog mbt kinderen en verliesverwerking?
37. Ik wil geld schenken / doneren aan de stichting. Hoe doe ik dat doen?
38. Ik wil een actie starten voor de stichting. Hoe doe ik dat doen ?


1. Rouwen kinderen anders dan volwassenen?

Enerzijds rouwen kinderen net als volwassenen. Want ook zij kennen intensieve gevoelens van verdriet, boos zijn , angst of gevoelens van schuld.

Maar kinderen uiten zich anders vooral non-verbaal. Als volwassenen moeten we moeite doen om de manier waarop kinderen zich uitdrukken te leren verstaan. Dat kan door zelf weer een beetje kind te worden(door het je te herinneren).

2. Vanaf welke leeftijd kunnen kinderen rouwen?

Kinderen kunnen vanaf het moment dat ze zich kunnen hechten, een verlies voelen. In feite is dat vanaf het moment dat ze geboren zijn. Ze voelen aan wanneer degene aan wie ze gehecht zijn er niet meer is en voelen de verlatenheid. Kinderen voelen ook al heel jong wanneer hun ouders rouwen en slaan dat ook op. Ze voelen de veranderingen en de veranderde spierspanning waarmee papa of mama hen oppakt.

3. Begrijpen kinderen en jongeren de dood?

Om te kunnen rouwen moeten kinderen begrijpen wat dood is. Als je kinderen vertelt over wat dood zijn is moet dat op een manier die ze kunnen begrijpen. Dat is afhankelijk van de leeftijd.
Je kunt een indeling maken in leeftijdsfases om een indruk te krijgen van hoe kinderen de dood zien, maar deze is tegelijkertijd afhankelijk van de ontwikkeling en de ervaring van ieder kind persoonlijk.

4. Wat begrijpen kinderen en jongeren van de dood?

-Kinderen tot 3 jaar

Tot drie jaar hebben kinderen niet een besef van het begrip dood, kennen ze niet het onderscheid tussen levende en niet levende dingen. Wel zijn ze bang om gescheiden te worden van papa of mama. Kinderen van die leeftijd voelen wat verlies is, ook voelen ze de emotionele afwezigheid van een rouwende moeder. Dit geldt ook voor baby's. Jonge kinderen van 0 tot 3 jaar gaan op hun eigen manier met de dood om. Ze reageren vanuit hun behoeften. Soms tot schrik van volwassenen (meisje van twee jaar wil ontbijten op de kist, gezellig bij papa).

Heel jonge kinderen kunnen niet bevatten dat de dood onomkeerbaar is, maar ze kunnen het enigszins begrijpen aan de hand van speelgoed dat stuk is en niet meer gemaakt kan worden. En je moet uitleggen dat de overledene geen pijn meer heeft, het niet koud heeft en zich niet ziek voelt.

-Kinderen van drie tot zes jaar

Zij kennen het verschil tussen leven en dood (denk maar aan cowboytje spelen) maar ze beseffen nog niet het definitieve karakter van de dood. Ze beginnen te beseffen dat dood en verdriet met elkaar te maken hebben maar voelen nog geen angst voor de dood.  Ze tonen grote belangstelling voor de biologische kanten van de dood: "Kan opa mij nog horen als ik iets zeg?"  "Is het nou niet zielig dat oma alleen in de kist onder de grond ligt?"

-Kinderen van 6 tot 9 jaar

Bij hen begint het besef door te dringen dat de dood onomkeerbaar is, onherroepelijk en definitief. Wat het definitieve einde precies inhoudt begrijpen ze echter nog niet, dat is voor hen erg verwarrend en beangstigend.
Ze begrijpen nog niet goed dat doodgaan iedereen overkomt, vroeg of laat. Ze interesseren zich ook voor wat er na de dood gebeurt. Kinderen van deze leeftijd zijn kwetsbaar omdat ze weliswaar de betekenis van de dood kunnen begrijpen, maar nog niet in staat zijn met de implicaties om te gaan.

-Kinderen van 9 tot 12 jaar

Zij beseffen dat alles wat leeft ook doodgaat. De kinderen in deze leeftijdsgroep zijn minder afhankelijk van volwassenen en vragen niet altijd aandacht voor hun verdriet.
Kinderen willen veel zelfstandig uitvinden en oplossen. Ook om niet kinderachtig te lijken. Omdat de gevoelens er toch uit moeten vertonen ze soms lastig en opstandig gedrag. 

-Kinderen van 12 jaar en ouder

De onvermijdelijkheid en het universele karakter van de dood dringt door bij kinderen in de tienerleeftijd. Ze zien de dood als het onvermijdelijke einde van het leven. De persoonlijk emotionele afstand is echter nog groot "het kan iedereen overkomen, behalve mensen in de eigen omgeving". Juist jongeren van die leeftijd worden diep geraakt wanneer ze van nabij met de dood te maken krijgen. Ze zijn in een fase waarin ze raagtekens zetten bij het leven. Ze vragen zich af wat de zin van het leven is, waarom ben je op aarde en waar ga je naar toe.
Een confrontatie met de dood maakt dat de vragen en soms ook de verwarring rondom het leven en de dood toenemen.

5. Waar bij pubers en rouw op te letten?

Puberteit is inherent aan ‘losmaken’. Als een ouder overlijdt, kan een puber zich niet los­maken van de overleden ouder, maar ook niet van de overgebleven ouder. Die heeft het immers moeilijk, dus die wil je niet extra belasten.  Toch zie je vaak dat pubers hun rouw uitstellen en eerst ‘gewoon’ gaan puberen. Dat is voor een ouder heel lastig, maar het is ook een compliment. Het betekent dat je kind zich veilig genoeg voelt om te durven puberen.

Op blijven letten dat de puber midden in het leven blijft staan, uitgaat, de dingen doet die hij normaal ook deed. Als hij zich terugtrekt uit zijn sociale leven, moet je aan de bel trekken. Soms nemen pubers ook te veel verantwoorde­lijkheid in het gezin. 

Mogelijke rouwreacties zijn ontreddering, opstandigheid, terugtrekken in zichzelf, het niet accepteren van enige bemoeienis. Indirecte reacties kunnen zijn: spijbelen, ri­sicovol gedrag (het uitdagen van de dood), drugs- of overmatig alcoholgebruik. Maar dit kan ook heel goed pubergedrag zijn. Moeilijk te herkennen dus. Ook schrijven en naar muziek luisteren zijn manieren waarop pubers zich kunnen uiten.

6. Wat te doen als een puber er niet over wil praten?

Laat hem. Als ouder wil je heel graag het verdriet wegnemen, of op zijn minst verminderen. Dat is begrijpelijk, maar het kan niet. Als je als puber nog niet weet wat je voelt en er al helemaal niets mee kunt op dat moment, wil je maar een ding: met rust gelaten worden. Pubers willen gewoon zijn, niet opvallen en niet zielig behandeld wor­den. Maar met rust laten is niet hetzelfde als loslaten. Laat hem vrij in de keuze om wel of niet te praten, met jou, met een andere volwassene of met zijn vrienden. Maar ga niet weg. Doe iets samen, onderneem leuke dingen. In de buurt blijven is het beste advies. De vanzelfsprekende aanwezigheid van een volwassene betekent veiligheid.

7. Hoe herken ik bij kinderen hun rouwgevoelens?

Omdat kinderen hun gevoelens nog moeilijk onder woorden kunnen brengen uiten ze deze vaak via hun gedrag. Dat gedrag kan zeer uiteenlopende vormen aannemen:

  • Verdriet
  • Angst dat bijvoorbeeld nu papa dood is, mama ook dood gaat.  En als jij doodgaat wie zorgt er dan voor mij?  Straks krijg ik dezelfde ziekte als mijn zusje, die is doodgegaan. Je moet kinderen uitleggen dat de meeste kinderen eerst groot worden voor ze doodgaan en dat ze niet noodzakelijkerwijs ook zullen sterven aan bijv. kanker of een ongeluk.
  • Boosheid "mama heeft mij alleen gelaten", "waarom heeft God mijn papa niet beter gemaakt""waarom hebben mijn ouders niet beter voor mijn zusje gezorgd?" of 
  • Jaloezie op vriendjes die nog wel een vader en moeder hebben.
  • Schuldgevoel ”als ik niet zo stout geweest was, was mama niet doodgegaan','ik was boos op mijn broer, daarom is hij doodgegaan'.
  • Woede-aanvallen, buitensporig huilen, apathisch gedrag
  • Lichamelijke klachten als hoofd of buikpijn zijn allemaal uitingen van normaal verdriet.
  • Slaap-, eet- of concentratiestoornissen
  • Regressief gedrag `, d.w.z. dat ze terugvallen in een eerdere ontwikkelingsfase en weer gaan bedplassen of duimzuigen.
  • Aangepast gedrag.

8. Wanneer zijn bij kinderen hun eerste rouwreacties te verwachten/hoe zijn ze te herkennen?

De eerste rouwreacties komen bij kinderen soms pas enkele weken of maanden nadien; zij schuiven het rouwen vaak voor zich uit tot ze voelen dat voldaan is aan hun behoefte aan veiligheid. Kinderen stellen hun rouwproces wel uit tot hun de omgeving, met name de ouders, weer in staat zijn om het kind te ondersteunen. Ze willen vaak eerst dat alles weer gewoon verloopt, dat er weer rust is.
Niet zelden komt een relatie van ouders onder druk te staan tijdens een rouwproces omdat ieder op een verschillende manier rouwt. Wij als volwassenen willen kinderen graag beschermen tegen verdriet, maar kinderen willen op hun beurt ook volwassenen beschermen. Ze verstoppen vaak hun verdriet om hun ouders te sparen, bang dat ze hem of haar weer verdrietig maken.
Het is hier ook van belang te onderkennen dat kinderen lang niet altijd hun gevoelens met hun ouder(s) kunnen delen. Ze vinden het vaak heerlijk om er juist met mensen over te 'praten' die er minder of niets mee te maken hebben.

9. Kunnen kinderen lang rouwen?

Nee: ze hebben wat dat aangaat een korte spanningsboog. Het is dan ook niet gek dat ze het ene moment erg verdrietig zijn en het volgende moment weer vrolijk op straat spelen. Het lijkt dan soms of ze alles vergeten zijn, maar dat is allerminst zo. Het is een normaal kinderlijk patroon van uitleven en beleven. Het plezier maken is voor hen een overlevingsstrategie.

10. Vertel ik mijn kind dat er sprake was van zelfdoding?

Bij zelfdoding is het goed om de waarheid te vertellen, hoe moeilijk dat ook is. Anders hoort je kind het misschien van een ander. Dat is verwarrend, omdat hij dan niet weet wie hij moet geloven. Vertel wat er gebeurd is, maar laat de gruwelijke details weg. Leg uit dat de zelf­doding niets met het kind te maken heeft. Probeer z’n zelfvertrouwen weer op te krikken door hem extra veel complimenten te geven.

11. Neem je je kind mee naar de opbaring?

Altijd doen maar bereid het kind wel voor. Ga eerst zelf kijken, zodat je kunt uitleggen wat het kind kan verwachten. Dat opa in een kist ligt bijvoorbeeld. En dat er kaarsen omheen staan. Het is ook verstandig om te vertellen dat opa héél wit is en héél koud en dat er mensen komen die verdrietig zijn. Vaak is het de stemming die een kind angstig maakt. Hij schrikt veel minder als je hem van tevoren dingen vertelt. Overigens kunnen kinderen van alle leeftijden mee naar een opbaring.

12. Betrek ik mijn kind bij de begrafenis/crematie?

Betrek kinderen bij de uitvaart,. Ze hoeven natuurlijk niet alles te beslissen, maar het is goed om dingen met hen te bespreken. Het is voor een kind belangrijk om iets tastbaars te hebben. Dat hoeft niet per se een graf te zijn. Je kunt er ook voor kiezen om de as uit te strooien op een plek waar de overledene graag kwam.

13. Wat zijn algemene tips om kinderen te kunnen ondersteunen bij hun rouw?

  • Helpen zit vaak in kleine dingen zoals een knipoog, een woord, een schouderklopje of een belangstellende vraag.
  • Wanneer u ongestoord wilt praten, zoek dan naar een vertrouwd plek, ergens waar het kind zich prettig voelt en waar u niet gestoord wordt.
  • Toon begrip. Begrip is belangrijker dan hulp willen bieden en oplossingen verzinnen.
  • Dring u hulp niet op maar richt u op de behoefte van het kind zelf. Vaak wil het kind niet over het verlies praten maar over hele andere dingen. Dat is ook prima.
  • Praat de tijd niet vol met zogenaamde 'adviezen'.
  • Aan tafel gaan zitten om over het verlies te praten, leidt vaak tot niks. Tijdens een ongedwongen moment, wandelend, in de auto, samen klussend, vinden kinderen het vaak gemakkelijker om iets over hun gevoelens en ervaringen te vertellen.
  • Stel open vragen die het kind of de jongere de ruimte bieden om te praten. ‘Vertel er eens iets over . . ‘, ‘Hoe heb jij het ervaren?’ en dergelijke vragen.
  • Als praten niet werkt, zoek dan een andere 'taal' zoals muziek, gedichten, verhalen, foto's, tekeningen en andere creatieve uitingen.
  • Geef ook praktische steun zoals samen nagaan wat mogelijk is op school, kleren mee uitzoeken, helpen met plannen enz..
  • Vraag niet: "Hoe voel u u?" maar benoem de gevoelens die u waarneemt: "Ik merk dat u verdrietig bent, klopt dat?"
  • Let op de lichaamshouding. Bij spanning of weerstand zet het kind het lichaam 'op slot'. Probeer hem/haar te laten ontspannen en door te laten ademen.
  • Vraag ook in een later stadium nog regelmatig hoe het gaat. Soms willen ze er in het begin niet over praten en wanneer ze er wel aan toe zijn, vraagt er niemand meer naar.
  • Rouwende kinderen en jongeren moeten zich, net als andere kinderen en jongeren, aan regels houden tot blijkt dat het nodig is om een uitzondering te maken en niet andersom.
  • Hou er rekening mee dat het verdriet regelmatig opnieuw naar boven komt. Soms op speciale dagen, maar soms ook onverwacht

14. Wat kunt u in het algemeen beter niet doen bij het ondersteunen van kinderen bij hun rouw?

  • Ongevraagd adviezen geven: "Als ik jou was, . . ."
  • Zelf de ontmoeting volpraten met voorbeelden en eigen ervaringen
  • Zeggen dat het kind intussen genoeg gerouwd heeft en het leven verder gaat.
  • Gevoelens afnemen door tranen meteen te drogen of te doen alsof het allemaal niet zo erg is.
  • Een oordeel geven of het allemaal beter weten.
  • Fabeltus over rouw vertellen zoals: 'als dat eerste jaar maar eens voorbij is', 'u kunt alleen goed rouwen door u gevoelens te tonen' en dergelijke.
  • Zoeken naar oplossingen in plaats van luisteren.
  • Proberen om iemand geforceerd op te vrolijken.
  • Bang zijn om fouten te maken en daarom niks doen.
  • Bang zijn om door te vragen. Kinderen en jongeren geven vaak kleine hints en zijn teleurgesteld als u daar niet op ingaat.
  • Woorden gebruiken als: waarom, toch, als u nu, maar, zou u niet . .
  • Clichés gebruiken. 'Het gaat wel weer over', 'het hoort bij het leven', 'u krijgt vast wel weer een nieuwe vriend', 'u moeder is nu beter af, ze had zoveel pijn', 'u opa was al oud, hij heeft een goed leven gehad'.
  • Rouwende kinderen en jongeren  behandelen alsof ze zielig zijn.
  • Vertellen dat het verdriet ooit helemaal over is.
  • Verbieden dat de jongere na verloop van tijd nog rouwt.
15. Wat is rouwen? / Rouwt iedereen op dezelfde manier?

Rouwen is een proces en kost tijd en energie en daarbij beleeft iedereen afscheid, verlies en verdriet op zijn eigen, unieke manier.
Maar men ziet ook in het verwerkingsproces bepaalde reacties die herkenbaar en algemeen zijn. Die zijn terug te vinden in de rouwtaken. Daarbij gaat het om rouwarbeid. Het is een proces, geen toestand. Het is een proces waarin vier rouwtaken te doen zijn. Niet afgemaakte rouwtaken kunnen verdere groei en ontwikkeling belemmeren.

  • Taak 0: Opvoeden in leven en dood, het leren leven met verlies.
  • Taak 1: Beseffen dat iemand echt dood is, het erkennen dat die ander nooit meer terugkomt.
  • Taak 2: Het ervaren van het verlies. Leren omgaan met gevoelens van pijn door het verlies.
  • Taak 3: Leren leven in de nieuwe situatie, waarin de geliefde er niet meer is.
  • Taak 4: De overledene emotioneel een plek geven, zodat het kind weer nieuwe relaties aan kan knopen.
16. Wat is rouwtaak 0?

Leren leven met verlies is iets dat in feite van jongs af aan geleerd moet worden. Volwassenen kunnen jonge mensen niet beschermen tegen de aanwezigheid van de dood en de gevolgen daarvan voor hun leven. Uit onderzoek blijkt dat vrijwel alle kinderen op het moment dat ze naar het voortgezet onderwijs gaan al te maken hebben gehad met het overlijden van iemand die ze kennen. Er is geen manier om verlies uit de weg te gaan, ook niet voor jonge mensen. Wanneer ze geen gelegenheid krijgen om te rouwen dan komen de rouwreacties op enig moment in het leven terug, vaak in een andere, minder herkenbare vorm. Bijvoorbeeld in gedragsproblemen, psychosomatische problematiek of onverklaarbare klachten. Volwassenen kunnen kinderen en pubers wel voorbereiden op het omgaan met verlies. De beste omgeving om dit te doen is thuis, in de vertrouwde omgeving, maar in de praktijk vindt deze voorbereiding vaak niet plaats. Dat is jammer want het helpt enorm wanneer kinderen voorbereid zijn wanneer ze te maken krijgen met een ernstig verlies.

17. Wat is rouwtaak 1?

Beseffen dat iemand echt dood is, het erkennen dat die ander nooit meer terugkomt. Daarom is het zelf afscheid kunnen nemen van de overledene ook zo belangrijk voor het kunnen aanvaarden dat iemand echt dood is. Kinderen moeten ook de gelegenheid krijgen om te praten over de overledene en wat er is gebeurd, steeds weer opnieuw.

18. Wat is rouwtaak 2?

Het ervaren van het verlies. Leren omgaan met gevoelens van pijn door het verlies.
Het gaat hier om het herkennen, uitdrukken en verwerken van gevoelens. Kinderen zullen proberen die pijn te ontlopen, soms geholpen door volwassenen die het willen toedekken. Maar je moet kinderen ook toestaan om pijn te voelen. Toedekken en vermijden verlengen het rouwproces. Het gaat niet alleen om pijn en verdriet, maar ook om emoties  zoals boosheid, jaloezie , agressie en schuldgevoel.

19. Wat is rouwtaak 3?

Leren leven in de nieuwe situatie, waarin de geliefde er niet meer is. Het duurt een hele tijd tot het kind beseft dat het werkelijk zonder die persoon verder moet. Er kan een plotseling besef zijn niet meer te weten hoe mama eruit zag of hoe de stem van papa klonk. Volwassenen kunnen helpen herinneringen levend te houden, door middel van foto's e.d. of speciale aandacht besteden aan de verjaardag of sterfdag van de overledene. Kinderen kun je helpen herinneringen in hun leven een plaats te geven door het maken van tekeningen of een verhaaltje.
Aan wat oudere  kinderen kun je perspectief geven dat er een dag komt dat het verlies niet meer de eerste gedacht is wanneer ze wakker worden. Soms gaan kinderen de overledene idealiseren. Een andere valkuil is dat kinderen te veel taken van de overledene op zich gaan nemen of dat de overgebleven ouder zich afhankelijk gaat opstellen.

20. Wat is rouwtaak 4?

De overledene emotioneel een plek geven, zodat het kind weer nieuwe relaties aan kan knopen. Sommige kinderen zijn bang om weer nieuwe relaties aan te knopen. Ze denken onrecht te doen aan hun overleden vriend wanneer ze vriendschap met een ander aanknopen of voelen het als verraad aan de moeder wanneer ze vriendschap sluiten met de nieuwe vriendin van vader.
Of durven niet opnieuw verliefd te worden. Soms zijn kinderen bang om weer nieuwe relaties aan te knopen, uit angst om wéér iemand te verliezen. Deze angst voor nieuwe contacten kan tot gevolg hebben dat het kind in het rouwproces blijft steken en in een isolement terecht komt.

21. Kan ik iemand bellen voor inhoudelijk advies?

U kunt de getrainde vrijwilligers van de informatie & advieslijn van Stichting Achter de Regenboog bellen: 0900 - 233 41 41 (15 cpm).

De I&A lijn is bereikbaar op maan-, dins-, donder- en vrijdagen van 09.00-11.00 uur.

22. Kunt u doorverwijzen naar een rouwprofessional?

Ja: neem daarvoor contact op met onze informatie & advieslijn
0900 - 233 41 41 (15 cpm).

De I&A lijn is bereikbaar op maan-, dins-, donder- en vrijdagen van 09.00-11.00 uur.

Maar ook kunt u kijken op www.verliesverwerken.nl, onder “ondersteuning bij u in de regio”. Daar is een online register van hulpverleners opgenomen.

23. Wat is goede literatuur over kinderen en verliesverwerking?

Op de website www.rouwboeken.nl vindt u hier van alles over, maar ook op de site www.in-de-wolken.nl vindt u heel veel boeken.

Goede artikelen zijn ook te vinden op de website van het Expertise Centrum Omgaan met Verlies van Mw. Dr. Riet Fiddelaers-Jaspers: http://www.rietfiddelaers.nl/artikelen.php. Maar ook op onze site bij downloads zijn een aantal artikelen opgenomen.

24. Heeft de stichting Achter de Regenboog informatie over de beleving van de dood en rouwverwerking door mensen met een verstandelijke handicap?

Hiervoor verwijzen we door naar: Landelijk KennisNetwerk Gehandicaptenzorg (www.lkng.nl) en in het bijzonder naar de publicatie “kun je uit de hemel vallen?” te downloaden via: http://www.vilans.nl/smartsite.dws?ch=def&id=110365 Maar ook op de site van www.in-de-wolken.nl staan bij boeken/brochures diverse goede boeken over rouw bij kinderen met een verstandelijk beperking.

25. Wordt er wetenschappelijk onderzoek gedaan naar kinderen en rouw?

Ja, o.a. door het Ambulatorium van de Universiteit van Utrecht: een academisch centrum dat is gespecialiseerd in de hulp aan volwassenen en aan kinderen (4-18 jaar) en hun ouders of voor het kind belangrijke andere personen. Zie voor meer informatie hierover: http://www.uu.nl/uupublish/defaculteit/ambulatorium/35089main.html

Maar ook is namens de Landelijke Stichting Rouwbegeleiding Margaret Stroebe met ingang van 1 januari 2008 bij de Faculteit Sociale Wetenschappen benoemd tot Bijzonder Hoogleraar Verliesverwerking. Stroebe is reeds als onderzoeker en hoofddocent verbonden aan de vakgroep Klinische Psychologie van de Universiteit Utrecht.

26. Is school van belang bij het ondersteunen van kinderen en rouw?

Absoluut! Leerkrachten zijn een onmisbare steun voor kinderen en jongeren want de wijze waarop leerkrachten omgaan met de intense momenten van verlies wordt vaak door kinderen en jongeren een leven lang herinnerd, zowel de goede als de negatieve ervaringen.

27. Waar kan ik als leerkracht nuttige informatie  vinden over kinderen en rouw?

Op www.leraar24.nl staan bij rouwverwerking een aantal clips en nadere informatie over kinderen en rouw.

Maar ook op de site www.in-de-wolken.nl vind u bij boeken/ brochures van alles voor leerkrachten en scholen. Ook is op de site van het RIVM een richtlijn beschikbaar voor het begeleiden van het gezin bij overlijden van een kind: http://www.rivm.nl/jeugdgezondheid/bibliotheek/richtlijnen/jgz-richtlijn-begeleiding-gezin-bij-overlijden-kind.jsp

En op de site van de KPC groep  is informatie te vinden zoals protocollen:n
www.kpcgroep.nl/Voortgezet-onderwijs/Kwaliteit-en-innovatie/Veiligheid/Calamiteiten/Draaiboeken-calamiteiten.aspx

28. Wat kunt u als leerkracht doen?

Een meisje dat zich niet uit. Een jongere die agressief is. Een puber die zich afsluit. Een leerling met ernstige concentratieproblemen. Ga er maar aanstaan als leraar.

  • U kunt een kind veiligheid bieden binnen het schoolritme.
  • Zorgen dat het kind de vrijheid voelt om wel of niet te vertellen over wat hem/haar bezighoudt.
  • Het beiden een luisterend oor.
  • Mee opletten hoe het kind zich voelt en of schoolwerk lijdt onder het rouwproces.
  • Erkennen dat rouwen veel energie kost en daarmee andere dingen tijdelijk minder belangrijk maakt.
  • Erkennen dat het kind het moeilijk heeft zonder een uitzonderingspositie te creëren.
  • Mee opletten dat het kind niet uitgesloten of gepest wordt vanwege het overlijden van een dierbare.
  • De structuur van het gewone leven blijven bieden.
  • De thema's dood en verlies op een laagdrempelige manier in de klas brengen, zodat alle leerlingen een begrip krijgen van wat verlies betekent.

Daarnaast zijn de bij de stichting aangesloten professionals beschikbaar voor voorlichting/advies en  training aan scholen/leerkrachten. Hiervoor worden wel door hen kosten in rekening gebracht.

29. Bestaan er protocollen / draaiboeken voor scholen in het geval van overlijden van een leerling/leerkracht etc ?

Ja, en die zijn o.a. te vinden op de site van de KPC groep. Daar staat een scenario (pdf document) voor verdriet en rouw: hoe kan de school handelen bij het overlijden van een leerling en, met enig vertaalwerk, bij het overlijden van een leraar of een andere medewerker? www.kpcgroep.nl/Voortgezet-onderwijs/Kwaliteit-en-innovatie/Veiligheid/Calamiteiten/Draaiboeken-calamiteiten.aspx
Ook op de site van www.in-de-wolken.nl is bij boeken /brochures het boek te bestellen “Als een ramp de school treft”. 
Ook is op de site van het RIVM een richtlijn beschikbaar voor het begeleiden van het gezin bij overlijden van een kind: http://www.rivm.nl/jeugdgezondheid/bibliotheek/richtlijnen/jgz-richtlijn-begeleiding-gezin-bij-overlijden-kind.jsp
Ook zijn de GGD’en in het bezit van protocollen.
Daarnaast zijn de bij de stichting aangesloten professionals beroepsmatig beschikbaar voor advies en training aan scholen/leerkrachten.

30. Ik wil vrijwilliger worden: hoe doe ik dat?

Stichting Achter de Regenboog is een professionele vrijwilligersorganisatie. Vrijwilligers maken door velerlei bijdragen het werk mogelijk.  Wat kan ik doen?

  • aansluiten bij een steunpunt in je eigen regio
  • beantwoorden van vragen en geven van advies via de telefonische informatie & advies lijn
  • het zijn van ‘online’ adviseur op ons interactieve jongerenforum
  • ondersteunen van de landelijke stichting bij fondsenwerving en sponsoring
  • ondersteunen van de landelijke stichting bij de diverse dagelijkse coördinerende activiteiten en werkzaamheden zoals coördinatie lotgenotencontact, communicatie etc
  • zitting nemen in het bestuur, een commissie of werkgroep

31. Waar moet je als vrijwilliger aan voldoen?

Om de kwaliteit van onze werkzaamheden te kunnen waarborgen verwachten wij dat onze vrijwilligers trainingen bijwonen. Afhankelijk van de achtergrond van de vrijwilliger en de beoogde werkzaamheden is dat bijvoorbeeld een training over kinderen en rouw voor het bemensen van de telefonische informatie & advieslijn of werkzaam zijn in een kinderweekend.

Hoe kan ik kennismaken met de stichting en haar vrijwilligerswerk?

Met enige regelmaat organiseert Stichting Achter de Regenboog een introductie voor nieuwe vrijwilligers. Bent u geïnteresseerd en wilt u meer weten? Schrijf dan een email met uw motivatie en achtergrond en stuur deze naar vrijwilliger@achterderegenboog.nl

32. Welke soorten van lotgenotencontact organiseert de stichting Achter de Regenboog?

De stichting heeft de mogelijkheid van digitaal lotgenotencontact via het FORUM op de site van de AdR. Maar ook kinder-, gezinsweekenden, kinder- en gezinsdagen waar de lotgenoten elkaar  fysiek ontmoeten en allerlei dingen samen doen.  Tijdens dit soort weekenden en dagen worden serieuze bezigheden afgewisseld met andere activiteiten zoals een gezamenlijk spel, voorlezen, voetballen, toneelspelen of wandelen.

33. Wat is een kinderweekend en voor wie is het geschikt?

Doel van een kinderweekend is dat kinderen maar ook hun ouders/verzorgers lotgenoten ontmoeten en zij door gesprek en andere werkvormen hun gevoelens en ervaringen een plaats te kunnen geven.

De kinderweekenden zijn voor kinderen van 6 tot 18 jaar en in groepjes van 4-7 leeftijdgenoten - onder deskundige begeleiding -  worden serieuze bezigheden afgewisseld met andere activiteiten zoals gezamenlijk spel, voorlezen, voetballen, toneelspelen of wandelen.

Een half jaar na het weekend kunnen alle betrokkenen elkaar ontmoeten op de terugkomdag. Ook hier kunnen weer ervaringen en emoties worden uitgewisseld.

34. Wat is een gezinsweekend en voor wie is het geschikt?

Een gezinsweekend is voor gezinnen met kinderen tussen 6 en 18 jaar, die in het gezin een verlies door de dood hebben meegemaakt. Het doel van een gezinsweekend is dat kinderen, jongeren en de ouders/opvoeders elkaar ontmoeten als lotgenoten.
Net als bij kinderweekenden wordt gewerkt in kleine groepjes waarbij de ouders en kinderen ook samen activiteiten hebben. Ook na een gezinsweekend volgt na een half jaar een terugkomdag.

35. Geeft de stichting voorlichting middels lezingen en presentaties?

De stichting voorziet via haar netwerk van erkende rouwprofessionals in het geven van inhoudelijke voorlichting over kinderen en rouw/verliesverwerking middels lezingen en presentaties. Wij verwijzen de vraag door aan een van de professionals uit ons netwerk en zij volgen de vraag verder rechtsreek op met de vraagsteller / opdrachtgever. Deze vorm van voorlichting is niet gratis.

Voor sponsoren,  zakelijke relaties van de stichting of voor de stichting relevant evenement of  initiatief voorzien wij op verzoek in het geven van voorlichting over de stichting in het algemeen middels een getrainde vrijwilliger of bestuurs-/werkgroeplid.
 
36. Kan ik een training / opleiding volgen bij de stichting Achter de Regenboog mbt kinderen en verliesverwerking?

Niet meer. Hiervoor verwijzen wij door naar:

De 2 daagse Regenboog training: In deze training krijgt u inzicht in de wijze waarop kinderen en jongeren met verlies en rouw omgaan. U leert welke aandachtspunten er zijn gedurende een rouwproces. Tevens krijgt u concrete werkvormen en technieken aangereikt waarmee u kinderen en jongeren kunt helpen uitdrukking te geven aan hun gevoelens. U leert ook hoe belangrijk het is dat u uw eigen manier daarin vindt. Aangezien uw eigen verlieservaringen van belang zijn in de begeleiding van kinderen en jongeren, zal ook hieraan aandacht worden besteed.
Voor meer informatie: www.verenigingvanrouwtherapeuten.nl

De 2 daagse Slingertouw training: In deze training leert u welke nieuwe taken er voor het gezin kunnen ontstaan. U krijgt inzicht in het belang om voor de veranderde situatie een passende structuur te vinden en aan te bieden die de eigen kwaliteiten van ieder gezinslid respecteert en gebruikt. Ook leert u hoe zinvol het is om samen herinneringen te maken en toe te leven naar het afscheid nemen. Ten slotte krijgt u concrete handvatten aangereikt voor het betrekken van kinderen en jongeren in het gehele proces rondom het sterven.
Voor meer informatie: www.verenigingvanrouwtherapeuten.nl

 

De meerdaagse opleiding Land van Rouw. Sinds 2010 heeft de opleiding een officieel erkende, geaccrediteerde post-hbo status. De opleiding gaat over het begeleiden van rouw bij verlieservaringen en verliestrauma’s en de opleiding kent een gemeenschappelijk deel en twee uitstroomprofielen: Omgaan met Verlies en Omgaan met Verlies Kinderen en Jongeren. Beide uitstroomprofielen leiden op tot rouwbegeleider/verliesconsulent. Voor meer informatie: http://www.landvanrouw.nl/

De post-hbo opleiding rouw-verliesbegeleiding van LSR Dienstencentrum . In samenwerking met de Hogeschool Utrecht organiseert het LSR-Dienstencentrum de post-hbo opleiding rouw-verliesbegeleiding. De opleiding bestaat uit 15 blokken van twee aaneengesloten lesdagen inclusief intervisie (vrijdag en zaterdag). De opleiding leidt op tot een gekwalificeerde rouw- verliesbegeleider. De nadruk ligt op de begeleiding van mensen (individuen, systemen en groepen) die verliezen ondergaan op verschillende levensgebieden zoals: verlies door overlijden, echtscheiding, gezondheid en werk. Voor meer informatie: http://www.verliesverwerken.nl/

37. Ik wil geld schenken / doneren aan de stichting. Hoe doe ik dat doen?

Voor meer informatie hierover kijk op de website bij “steun ons”.

38. Ik wil een actie starten voor de stichting. Hoe doe ik dat doen ?

Voor meer informatie hierover kijk op de website bij “steun ons” / start een actie.